Referentie Individuele Rondreis: Rene en Maike uit Belgie

Geschreven door Rene Matthijnssens – rondreis noord Argentinie:
“En toen stonden we klaar voor onze noordelijke lus. De eerste vlucht bracht ons naar Salta. Goed op tijd op
Aeroparce, het kleinere vliegveld in B.A. Maar het zuiden denkt en leeft anders (zie zelfs in Europa).
Een file aan de balie van hier tot ginder en het gaat eerder achteruit dan vooruit.
Tot er dan toch iemand van het baliepersoneel begint te vrezen dat het vliegtuig leeg moet vertrekken als er
niets verandert. Dus plots wordt er toch een vorm van structuur ingebracht , meer balies bezet en wonder
boven wonder, als het vliegtuig vertrekt zijn alle stoelen bezet met de juiste mensen.
De vliegtuigen en de luchthavens zelf zijn perfect in orde en zelf echt modern en nieuw. En dus arriveerden wij in mooi op tijd in Salta, het zeer gezellig hoofdstadje van de gelijknamige provincie. Wederom een klein pittoresk hotelletje met uiterst vriendelijke uitbaters. En zoals elk stadje ook hier een groot , lommerrijk stadsplein, met winkeltjes , talloze restaurants en cafeetjes.. En natuurlijk ook hier de abstracte kerstboom. Aangezien en zo goed als geen enkele spar te vinden is wordt en met lichtjes, slinger of lampions een kerstboomvorm gemaakt . Echt leuk en sfeervol, zoals elke kerstversiering overkomt bij 25 à 30 ° C.
En vandaar uit met de huurwagen naar Cachi. . De eerste 50 km hadden we nog redelijk goede asfalt-
wegen , maar daarna begonnen de typische Argentijnse zand/kiezelwegen en gingen we de bergen in.
Elke kilometer , achter elke bocht was het genieten van elk nieuw vergezicht tot we op 3.500 meter hoogte de top van de pas overgingen. Zoals in Argentinië en in elk land met echte hoogten, kwamen we daar terecht op
een hoogvlakte. Voor ons een raar ding aangezien wij in Europe eens boven de 2.000 meter enkel verspreide
toppen en hier kom je terecht in een echt landschap. We reden daar door een immense vlakte die volgeplant was met duizenden cactussen, het type dat wij vooral kennen van de western op televisie. Prachtig zicht. En op de achtergrond een bergketen met alle kleurschakeringen tussen geel en rood. Spijtig genoeg geven onze foto’s dit niet echt weer.
En zo bereikten we Cachi , een gezellig , rustig dorpje dat zonder veel aanpassingen kon dienst doen als opnamelocatie voor een western. Heel onontgonnen en nergens asfalt te bekennen, maar alleen kasseien en hoge trottoirs. Gelukkig waren er enkele cafeetjes aan het dorpspleintje waar we konden genieten van het mooie weer en het plaatselijke bier. Zalig. Na nog wat rondgedwaald te hebben in Cachi, gingen we op zoek naar ons volgende hotelletje. Het lag op een twaalftal kilometer van Cachi en bereikbaar via RN 40. Nu denken wij bij een aanduiding “Route National” aan de goede wegen in Frankrijk , af en toe onderbroken door een klein dorpje met een pleintje aan de kerk , waar ofwel een markt of een circus staat. Hier hadden na één kilometer al meer stof en kasseien gezien dan na heel de route van Parijs-Roubaix.
En als we dan dachten dat we het hadden gehad , zagen we een bordje naar onze “finca” staan. Ik denk dat ons huurautotje nog steeds aan het bekomen is van halve rotsen en de metersdiepe putten die we moesten ontwijken. Hadden we hier in het donker moeten rijden, dan had de plaatselijke pechtdienst een serieus jobke gehad. Maar het hotelletje was wederom de rit waard. Een knap gerestaureerde hoeve, gelegen aan het einde van de weg , in een klein onooglijk dorpje (??) , waar de eerste gedachte die bij je opkomt , de vraag is, “van wat zouden die mensen hier toch leven? “. Zelfs de aanwezigheid van elektriciteit is hier soms een
raadsel, maar blijkbaar lukt het de Argentijnen toch om met beperkte mogelijkheden overal elektriciteit te brengen. Een oase van rust , felgekleurde vogels en ’s avonds een sterrenhemel om stil van te worden.
En de dag erna weer verder, terug op RN 40. Honderdvijftig kilometers kasseien , bochten, bergen en stof. Maar vooral 50 jaar terug in de tijd. De weinige huisjes of dorpjes die je tegenkomt zijn allemaal opgetrokken uit zelfgebakken kleiblokken, onze bakstenen uit de middeleeuwen. En stof , niet te geloven. Alleen het plaatselijke kerkje en schooltjes waren prachtig wit en uitermate verzorgd. Of waarin zelfs de armste mens groot kan zijn.
Als klap op de vuurpijl , echt in “the middle of nowhere” een politieagent, midden op de baan. Alle papieren van de auto, huurcontract, rijbewijzen, alles moest hij hebben. Heel ernstig en plichtbewust werd alles uitgeplozen , opgeschreven en met een de hand aan zijn kepie kregen we zeer plechtig alle papieren terug en konden we terug de baan op . Lachwekkend , maar een reuze vakantie anekdote.
De mensen op het platteland leven zeer armzalig. Een hoop zelfgebakken stenen op elkaar met een staalplaten dak. En op het dak wat stukken rots om alles op zijn plaats te houden. Het enige degelijke waren de ramen en deuren, maar waar ze vandaan kwamen hebben we niet ontdekt . In hun ogen moeten wij echt rijk zijn als koningen , maar toch altijd even vriendelijk, behulpzaam en geïnteresseerd.
In de soms aanwezige piepkleine winkeltjes kochten we dan een stuk brood en wat worst , kaas of saucisse. De keuze was gewoonlijk vlug gemaakt, aangezien er niet veel te kiezen viel. En dan ergens een rustig plaatsje zoeken en dan smullen.
En natuurlijk konden we niet weerstaan om te stoppen bij één van vele wevers. De weefgetouwen zijn een samenraapsel van allerlei stukken hout, ijzer, koorden, riemen en fiets binnenbanden. Maar het resultaat van hun handwerk is prachtig. Niet goedkoop , maar echt handwerk , mag een beetje meer kosten en zo hadden we een mooi wandkleed als herinnering aan RN 40. De RN 40 slingert zich parallel met de brede rivierbedding , tussen het gebergte en uiteindelijk moet je voor jezelf uitmaken dat je niet elke twintig meter kan stoppen om uit te stappen, foto’s te trekken en te genieten van het magnifieke landschap. En na uren hotsen en botsen rij je dan plots over een nieuwe asfaltbaan, Terug in de bewoonde wereld, op weg naar Cafayate. Het stadje met de hoogste wijngaarden ter wereld en aan de talrijke bodega’s te zien, met zeer goede en succesvolle wijnen; Spijtig genoeg was de rondleiding die we er wilden doen, volledig in het Spaans en deze vooral technische uitleg was voor ons toch wat (heeel veeeel) te hoog gegrepen.
En in Cafayete weer zo’n schitterend hotel , vlakbij het centrale plein, maar toch zeer rustig gelegen met zeer vriendelijke en zoals altijd met meertalige uitbaters. Ook hier het typische vierkante dorpsplein , beplant met grote palmen en schaduwrijke bomen, waar na de werkdag het hele dorp van groot tot klein, jong tot oud , samenkomt om te praten, te voetballen, te fietsen , muziek te spelen, maté te drinken en te dansen. Wat kan vakantie toch mooi zijn !
En na enkele dagen rusten, rondlopen en genieten van het leven op het plein, terug op weg . Nu via Salta richting noorden, naar Purmamarca. Het was de voorbij dagen wat onweerachtig geweest en ook vandaag was er vrij veel grijze bewolking. Maar zelfs met dit weer was de route door de Quebrada Cafayate fenomenaal. Prachtige rotsformaties , kleuren en vormen , niet te beschrijven. Een echte aanrader voor iedereen die in de streek op bezoek komt.
Honderd kilometer boven Salta ligt dan Purmamarca. Een mooie weg, maar na al de pracht van de voorbije dagen waren wij al heel wat gewoon en zo zie je dat zelfs de mooiste panorama’s opnieuw gewoon worden.
In het kleine dorpje Purmamarca , zie je echt duidelijk de nabijheid van Chili en Bolivië . De bevolking heeft de typische rondemaangezichten en klederdracht van de oorspronkelijke, indiaanse Andesvolkeren. De marktjes zijn dan ook echt kleurrijke bedoeningen. Purmamarca ligt letterlijk in de schaduw van : Lo cerro de siete colores, de berg met de zeven kleuren. Door erosie , zon en regen slijt het zachtere
gesteente weg en krijgen de bergen een waaier van kleuren. Een zeer mooie wandelroute laat je langs alle kanten genieten van deze natuurpracht.
Maar het hoogtepunt uit de omgeving vonden wij de zoutmeren op de weg naar Chili. In Purmamarca was het mistig en bewolkt , maar na een trage, steile klim kwamen we op 4.000 m hoogte eindelijk door de wolken en reden we terug in het zonnetje. En weer zo’n prachtige hoogvlakte , waar je 30 km verder een enorm zoutmeer zag glinsteren in de zon. Een perfect aangelegde asfaltbaan slingerde zich tussen de bergen en in de vlakten errond kijken kudden lama’s je al grazend en knabbelend, rustig aan. Het zoutmeer zelf is immens groot , maar zeer ondiep. Op onze blote voeten wandelden we door het 10 cm diepe water en verbaasden ons over
de ligging van het meer op enkele duizenden meters hoogte. De zon scheen hier verraderlijk fel en de plaatsselijke snuisterijen verkopers waren dan ook ingepakt als mummie’s om zich toch zo goed mogelijk te beschermen. Dat wij tijdens ons bezoek aan het meer en tijdens de rit heen en terug massa’s foto’s trokken zal dan ook geen verrassing zijn.
En dan naar het oosten voor onze laatste bestemming , Las cataratas de Iguazu. Deze relatief onbekende watervallen liggen op de grens tussen Argentinië en Brazilië. Het zijn de grootste watervallen van Zuid-Amerika en ze moeten niet onderdoen voor hun meer beroemde collega’s in Noord-Amerika en Afrika,
integendeel. Het was hier ook voor de eerste keer (voor ons) echt tropisch warm. Ondanks het feit dat het midden zomer was, waar de temperaturen tot dan toe zeer draaglijk en aangenaam geweest, maar hier was het zweten en vooral drinken. Als goede Belgen vonden we al snel enkel biertjes die lekker en
zelf vrij goedkoop waren. Maar met dat weer , drink je er vlug ééntje meer en daar ging onze winst weer.
Maar ja, ’t was vakantie en we genoten met volle teugen van het “dolce far niente” het zalige nietsdoen , maar vooral doen wat leuk is.Het plaatselijke hotel was weer een voltreffer en na een warme dag dan nog één (en soms wat meer) mochito, aangeboden door het huis. Wat wil je nog meer.
De watervallen kan je bezichtigen aan de Braziliaanse en de Argentijnse kant. De Braziliaanse kant geeft een mooier panoramisch zicht op de watervallen aan de Argentijnse kant , maar de Argentijnse kant geeft je de kans om via leuk wandelpaden en stalen loopbruggen vrij dichtbij de gigantische watermassa te komen, die zich bulderend tientallen meters de diepte in stort. Het opspattende water geeft je een flinke douche, maar met de zon stralend aan de hemel is dit een welgekomen afwisseling. We hadden gehoopt ook in dit gedeelte van het land nog wat te kunnen genieten van de plaatselijke fauna , maar waar- schijnlijk waren wij wat te uitbundig , want buiten enkele vogels en een enkel hagedisje zagen we niets speciaals.
Na nog een laatste bezoek aan de familie in B.A. zat onze vakantie erop. Spijtig , maar het was een prachtige reis . Al onze verwachtingen waren ruimschoots overtroffen. Argentinië als land liet bij ons een grootse indruk na, maar het belangrijkste vonden wij de vriendelijkheid en gastvrijheid van de
mensen ter plaatse. Je voelt je er echt thuis en op je gemak.
Het land is echt een aanrader voor wie de klassieke reizen achter zich wil laten en het een beetje avontuurlijker wil zien.
Esmeralda, tot hier ons relaas van onze reis door je tweede moederland. Misschien is het wat langer uitgevallen dan oorspronkelijk bedoeld, maar er is dan ook zoveel te vertellen over dit immens grote land.
Tot hores en misschien tot ….. ziens. Nog veel succes met je reisbureau;
René & Maike”
Dit bericht werd geplaatst in Referenties. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s